Verhuizen zonder te vertrekken

•november 10, 2010 • Geef een reactie

Als klein meisje was ik reislustig, ik heb dan ook in mijn eentje al verre reizen gemaakt. Het verlangen om overal te kunnen zijn, is altijd in mijn leven gebleven. Ik heb gereisd naar andere landen, andere landschappen, andere levens en dimensies. Ik heb mensen ontmoet, liefdes ervaren en oorlogen beëindigd. Ik reis alleen, groepsreizen zijn niet aan mij besteed.

Zelfs toen ik nog klein was had ik geen behoefte om met anderen te reizen. Mijn ouders hadden vaak geen idee waar ik naar toe ging, maar wilden graag achteraf de verhalen in geuren en kleuren horen. Het meest aantrekkelijke aan mijn manier van reizen was dat ik nooit koffers hoefde in te pakken. Ik reisde licht en kon ieder moment vertrekken. Of toch niet?

Toen ik ouder werd en de behoefte aan een eigen plek in mij begon te ontkiemen, groeide naast het reizen, ook het verlangen naar een eigen huis. Vooral het inrichten van mijn nieuwe paleis kreeg grote aandacht. Ik heb onder andere gewoond in een klein dijkhuisje aan een grote rivier, een landhuis in Spanje en een loft in Amsterdam. Maar ook tijdelijke kastelen en hutjes in het bos noemde ik mijn thuis. Ik maakte keuzes aan welke rivier ik wilde wonen, waar het zwembad moest liggen en of de keuken toch op een andere plek moest komen. Als het huis was ingericht, vertrok ik weer. De reis naar het huis was boeiender dan een lang verblijf. Het meest aantrekkelijke aan mijn manier van verhuizen was dat je nooit dozen hoefde in te pakken. Ik woonde licht en kon ieder moment vertrekken. Of toch niet?

Op mijn reizen en in mijn huizen heb ik de grote liefde vaak beleefd. Ik ontmoette romantische mannen die mij de weg wezen in onbekende gebieden of liep spannende mannen die het kasteel naast me bewoonden tegen het lijf. Weergaloze relaties die mij in vuur en vlam zetten. Of juist een haven waren binnen woelige baren.

Verbintenissen en huizen komen in mijn leven juist op het moment dat ik ze nodig heb. Ze eindigen als ze hun doel hebben gediend en verdwijnen als mijn dagdromen stoppen en ik mijn ogen open. Het meest aantrekkelijke aan mijn manier van reizen en mezelf vestigen (in huizen of relaties) is dat ik nooit gekwetst word.

Ik leef licht en kan ieder moment vertrekken. Of juist niet.

Advertenties

Zweem van onechtheid

•oktober 11, 2010 • Geef een reactie

Mijn zoon gaat weer een weekend weg. Zijn tas staat klaar voor de deur. We hebben al uitgebreid afscheid genomen met veel knuffels en liefdesbetuigingen. De deurbel gaat, ik haal adem en doe de deur open. Vader staat voor de deur om zijn zoon op te halen. Zoon is helemaal opgetogen en rent door de voordeur naar buiten richting de auto. Hij verheugt zich op het weekend.

Ik sta bij de voordeur beleefdheden uit te wisselen met zijn vader. De liefde die we ooit voor elkaar hebben gevoeld is al lang geleden uitgedoofd. Het verdriet en de wanhoop van onze verwijdering heeft bij ieder van ons een eigen uitweg en vorm gevonden in ons leven. We lachen onwennig om elkaars opmerkingen, maar praten niet over iets wezenlijks. Oprechte interesse in elkaar is waarschijnlijk ook al lang geleden verdampt.

Daar staand bij de voordeur kijk ik als vanaf een afstand naar mezelf. En ik vraag me af waarom ik daar elke keer weer sta. Soms oprecht, maar vaker lever ik een Oscarnominatie waardige acteerprestatie. Het is in essentie niet echt. Ik gedraag me niet waarachtig. Ik veins belangstelling die ik niet voel. Ik speel interesse waar ik hem niet heb. Hoe verschrikkelijk pijnlijk het ook is: we hebben elkaar niets meer te zeggen.

Ik heb de heilige overtuiging dat het belangrijk is voor kinderen dat ouders zich goed met elkaar kunnen verhouden. Toch vraag ik me af of ik met mijn acteerkunst mijn zoon een inspirerende les in het leven geef. Hij is nu op een cruciale leeftijd en heeft de sensitiviteit om echt van vals te onderscheiden. Welke boodschap geef ik hem dan mee? Misschien geeft het míj dan in een of ander licht of juist duister niveau een genoegen? Wat win ik met mijn gedrag? Een vervormd beeld van de ideale ex-vrouw dringt zich aan mij op. Een beeld van een meegaande en vooral meebewegende dame. Conditionering blijft toch een hardnekkige en verstikkende deken. Wil ik een beeld van mezelf neerzetten dat niet meer bestaat? Nooit echt een reëel beeld van mij is geweest? Op andere vlakken in mijn leven heb ik de deken van conditionering al lang in de prullenbak gegooid. Wens ik niet meer te leven zoals andere mensen dat willen. Kom ik los van oude dogma’s en accepteer ik mijn ‘nieuwe’ zijn. Dat is mijn reis naar vrijheid. Zoon zit ondertussen al in de auto. Vader wijst hem er op dat hij naar mij moet zwaaien. Hij doet keurig wat hem wordt gevraagd. Hij is goed in de rol van gehoorzame zoon. Zijn vader en ik hebben dat talent in ieder geval onbedoeld goed voorgeleefd.

Volgens mij moet ik op deze reis de volgende stap gaan zetten. Het is tijd om zelfs deze zweem van onechtheid eens van me af te gooien. Zoonlief doet de volgende keer gewoon zelf de voordeur open. Ik ben daar niet meer bij nodig.


Oranje staat me niet

•juni 22, 2010 • 2 reacties

Geboren en getogen in Amsterdam is Ajax mij met de paplepel ingegoten. Ik ben opgegroeid in de nabijheid van ‘de Meer’. Voor de kenners ; de knusse voorganger van de onpersoonlijke Amsterdam Arena . Elke tweede zondag stond onze straat vol met auto’s. Vaders met zonen in het rood/wit. Uit de achterbak de attributen halend die blijkbaar noodzakelijk waren om een voetbalwedstrijd te bekijken. Na de wedstrijd konden we aan de  schouders van de supporters zien hoe Ajax had gespeeld. Aan het aantal ME-bussen die richting het station reden was te raden wie de tegenstander kon zijn. Wanneer de Feyenoordfans met de trein arriveerden, leek onze gezellige buurt al snel op een oorlogsgebied. Met verbazing heb ik vanuit ons raam gekeken naar volwassen mannen die de straat openbraken. Gewapend met de straattegels probeerden ze de andere supporters te lijf te gaan. Voor sommigen was het verlies blijkbaar persoonlijk.

Daarom niets heerlijkers dan een toernooi als het WK. Al die aartsvijanden broederlijk naast elkaar op de tribune. Met een oranje shirt aan, oranje pruik op of met een oranje beker of klomp op hun hoofd zijn ze opeens allemaal gelijk. Bij de Ajax-supporters verbaasde ik mij over hun gedrag en niet zozeer om hun kleding. Bij de oranjefans is dit juist andersom. Volgens emeritus hoogleraar en cultuurhistoricus Herman Pleij heeft de ‘oranjegekte’ niets met nationalistische gevoelens te maken. Hij geeft aan dat het een surrogaat is voor de kerk. Door de ontkerking en ontzuiling zoeken we nieuwe rituelen. Dat zal allemaal wel waar zijn. Maar mensen die denken dat ze alles aan en op kunnen doen als het maar oranje is gaan mij wel ver. Oranje is niet eens een hele leuke kleur om aan te hebben. Wees eerlijk. Wie staat dat nou leuk? Er waren zoveel mooie kleuren om uit te kiezen. Blauw was leuk geweest, maar ingepikt door Italië. Groen door Portugal en geel door Brazilië. Ik weet natuurlijk dat oranje een historische koninklijke oorsprong heeft. Jammer dat we niet het Huis van Roze hebben. Het hele land roze, dat is toch een betere keuze? Ik weet zeker dat prinses Maxima en de andere prinsessen het met mij eens zijn.

In het kader van ‘face your worst fears’ ben ik, puur uit wetenschappelijk oogpunt, in oranje kleding voetbal gaan kijken. In een Amsterdams voetbalcafé met een oranje klomp op mijn hoofd. Zo’n grote van schuimrubber. Ik wilde weten hoe ik dat zou ervaren. Wat mij het eerste opviel was dat het lastig manoeuvreren is met zo’n enorm gevaarte op je hoofd. Ik botste overal tegenaan met als gevolg dat de klomp steeds scheef op mijn hoofd stond. Zelfs zonder drank zag ik er bezopen uit . Ondanks mijn gevoel van schaamte, trok ‘de klomp’ veel bekijks. De sfeer zat er al snel goed in. Ik kan niet ontkennen dat ik veel plezier beleefde aan het oranjegevoel. We waren broeders en zusters in de oranjestrijd of de oranje strijd. Daar waren geen straattegels of ME voor nodig. Mijn klomp bleek juist erg geliefd. Ik heb daarom maar met een van mijn nieuwe broeders de klomp omgeruild voor een bescheiden oranje kroon. Want al staat oranje mij niet. Een kroon voor deze prinses is altijd de beste keuze 😉

SchrijfbloQ thema: WK 2010


Secondhand life?

•juni 12, 2010 • Geef een reactie

Yvonne loopt het gebouw binnen waar ze werkt. Ze begroet met een kort ‘dag’ de receptioniste. Die kijkt slechts even op uit de ‘Linda’ en knikt wat obligaat. Yvonne ziet het niet. Ze is al verder gelopen.
Ze wacht niet meer op hartelijke begroetingen en stralende glimlachen als mensen haar zien. Het leven heeft haar dit wel afgeleerd. Ze loopt richting de lift en drukt op het knopje om de lift te halen. Henri, de chef van de boekhouding, ziet Yvonne staan en zijn hart begint sneller te kloppen. Hoewel hij haar al een hele tijd leuk vindt, durft hij haar nog steeds niet uit te vragen. Hij probeert contact te maken terwijl ze samen op de lift wachten. Yvonne is blij als de lift eindelijk opengaat en zij kan instappen. Henri vraagt vrolijk op welke verdieping ze moet uitstappen. Hij weet echter precies welke verdieping, afdeling en zelfs de werkplek waar Yvonne moet zijn.
Het verbaast Yvonne niets dat deze man nog steeds niet weet op welke verdieping ze werkt. Al staan ze bijna elke morgen samen in de lift. Wie zou haar wel onthouden? Ze vindt zichzelf niet knap of zelfs een beetje aantrekkelijk. Een grijze muis, zoals mama altijd zegt. Henri denkt daar duidelijk anders over. Hij vindt haar lief en schattig. Vooral als ze een beetje staat te dromen, denkend dat niemand haar ziet. Hij hoopt morgen weer een kans te krijgen.
Bij haar afdeling aangekomen, loopt ze snel naar haar computer. Ze kan niet wachten online te gaan. Eerst even koffie halen en met een korte groet haar collega’s gedag zeggen. Tussentijds start ze haar computer op. De meisjes van de afdeling geven elkaar een korte blik. Ze hebben vaak gesproken over waar Yvonne haar kleding koopt. Veel te ouwelijk en truttig. Het is duidelijk dat moeder dit voor haar uitzoekt. Het is jammer, ze zou er zoveel leuker uit kunnen zien.
Yvonne is zich niet bewust van de blikken van haar collega’s. Ze zijn al vergeten. Wel voelt ze de spanning in haar lichaam stijgen. Haar echte leven gaat bijna beginnen.
Het scherm springt aan en zij gaat direct op zoek naar de site die zo belangrijk voor haar is. De site die invulling geeft aan haar leven.
Met bijna trillende vingers toetst ze haar inlogcodes in. Na altijd veel te lang wachten komt haar Hyves-site in beeld. Ze ziet direct de vele openbare krabbels en de tientallen nieuwe privéberichten. Haar mannen hebben weer hun best gedaan. Kees schrijft hoe mooi hij haar vindt en dat hij hoopt dat ze een goede werkdag heeft. Hij doet daar zo’n lief poëzieplaatje bij. Daar wordt ze altijd zo blij van. Yvonne leest alle liefdevolle krabbels van de verschillende hunkerende mannen en jongens die haar site hebben gevuld. Ze schrijven dat ze haar sexy en lekker vinden. Zij is de ster en de mannen willen bij haar zijn. Ze geeft iedereen de aandacht die ze verdienen. Ze houdt van hen en weet zeker dat dit wederzijds is. Sterker nog; ze adoreren haar. Haar hart straalt, ze juicht, ze jubelt terwijl ze aandachtig typt. Haar collega’s kijken niet op. Yvonne is zoals altijd serieus en hard aan het werk.
Nadat alle krabbels zijn bewonderd en beantwoord opent ze haar inbox. Deze staat vol met uitnodigingen van mannen die ook graag bevriend met haar willen zijn. Ze bekijkt uitgebreid de profielen van de mannen zodat ze een beeld krijgt van wie ze zijn. Wanneer dit niet duidelijk wordt, gebruikt ze Google voor meer details. Als ze genoeg informatie heeft, accepteert zij hun uitnodiging. Ze worden een deel van haar leven. Natuurlijk zijn er ook berichten van mannen die expliciet beschrijven wat ze allemaal met haar zullen doen, zouden ze ooit samen in bed belanden. Of op elke andere plek, het is om het even. Ze geniet van deze berichten, maar weet dat dit niet zal gebeuren. Ze zullen haar nooit in het echt ontmoeten. Al willen ze dat stuk voor stuk zo wanhopig graag. Yvonne kijkt tenslotte naar haar eigen profielfoto op haar Hyves-site. De foto die ze ooit eens heeft gekopieerd van een Playboy-model. Die kijkt haar zwoel aan terwijl ze kansloos haar borsten met haar handen probeert te bedekken.
Yvonne glimlacht.
Ze horen allemaal in haar echte leven en niet in dit leven dat werkelijkheid wordt genoemd.

SchrijfbloQ thema: Tweedehands

Eerste keren

•april 25, 2010 • 2 reacties

Alle ervaringen in mijn leven komen samen in het nu. Voor alles in het leven was er een eerste keer. Die ‘eerste keren’ maakten mij tot wie ik nu ben. Ervaringen dus, soms waardevol, soms waardeloos. Maar wel met betekenis, dus wat mij betreft geen sprake van verwijten of spijt.

De eerste keer dat ik door een man werd benaderd op een manier die ik niet kende en zeker niet prettig vond, was toen ik zeven jaar was. Onderweg naar mijn oma, die vlakbij woonde, deelde ik snoepjes uit aan de mensen die ik tegenkwam. De combinatie van een kind en snoepjes resoneerde bij een passerende man en hij pakte me vast en wilde me kussen. Gelukkig zag een buurman dit gebeuren en hij begon te schreeuwen en te zwaaien met zijn armen. De opdringerige man rende weg. Hoewel er feitelijk niet veel was gebeurd, kan ik nog steeds de afschuw herinneren van de man die mij zo vastgreep. Vooral het gevoel dat ik het niet wilde staat mij nog het meest bij.

Het duurde lang voordat ik de avances van jongens en mannen kon waarderen. Zelfs de start van de pubertijd bracht daar geen verandering in, integendeel. Jongens kwamen in mijn gezichtsveld niet voor en ik had de overtuiging dat dit wederzijds was. Jaren later begreep ik van mijn vriendin dat ik gewoon niet goed had opgelet. De wellicht schutterige en onhandige benadering van jongens kon ik nog ontkennen. De ronduit directe avances van sommige volwassen mannen waren niet mis te verstaan. De eerste keer dat ik dat meemaakte voelde ik weer dat ik dit niet wilde.

De pubertijd kwam ik ongeschonden door en de tijd brak aan dat mijn vriendinnen de zoete smaak van de liefde proefden. Ik luisterde naar hun verhalen en keek naar hun verliefde blikken, maar bij mij was het vuur niet ontstaan. Natuurlijk waren er jongens ‘who caught my eye’ en zelfs mijn hart, maar verder gaan dan kussen durfde ik niet. De eerste keer dat ik echt verliefd was, dacht ik dat de liefde niet wederzijds was en droomde ik van hem op afstand. Ik wist niet of ik dit ook wilde.

Op weg naar een volwassen leeftijd voelde ik me ongemakkelijk worden over mijn maagdelijkheid. Ik was de enige die ‘het’ nog niet had gedaan en bedacht dat daar maar eens verandering in moest komen. Een volwassen man kwam op mijn pad en onze verliefde blikken kruisten. Ik was tot over mijn oren verliefd en de eerste nacht zou komen. Ik hoopte dat zijn ervaring mij de vervoering zou brengen waar ik naar was gaan smachten: de wonderlijke wereld waarin we lichamelijk en spiritueel zouden samenkomen. Ik was nerveus, onzeker en hoopte dat mijn onervarenheid hem niet zou afschrikken. Jammer genoeg bleven de vervoering en het wonder uit. Liefde bedrijven bleek ruwe seks te zijn dat resulteerde in een atletisch hoogtepunt. Mijn tranen heeft hij nooit gezien. Ik dacht zeker te weten dat ik dit echt nooit meer wilde.

Na de eerste keren kwamen gelukkig de volgende keren en die gaven mij hele andere ervaringen. Lieve, spannende, foute en vooral hartstochtelijke mannen lieten mij een andere wereld zien. Een wereld van passie, tederheid, plezier, ongeremdheid; een wonderlijke ruimte voor beiden om te zijn en van elkaar te genieten. De eerste keren hadden mij goed geleerd wat ik wel wilde.

SchrijfbloQ thema: Eerste keer

Persoonlijke reclame

•maart 21, 2010 • Geef een reactie

Dat reclame vooral gericht is op het promoten en verkopen van producten en diensten zijn veel mensen tot vervelends aan toe mee bekend, iedereen wil iedereen van alles verkopen. Ik klaag daar zelf zeker niet over, na 14 jaar bij de commerciële omroep te hebben gewerkt, weet ik wel dat reclame mijn salaris betaalde. Wij juichten wanneer een reclameblok was gevuld en maakten ons ongerust wanneer dit niet het geval was: het verschil tussen wel of geen bonus.
Vanuit deze ervaring heb ik ook geleerd dat hele goede verkopers zich zo kunnen identificeren met het product dat hij of zij een verlengstuk hiervan wordt, misschien zelfs het product evenaart.
Als dat zo is: zou je dan niet de beste verkoper zijn als jezelf het product bent, dus jezelf verkoopt?

Een van de plekken waar mensen zichzelf als product moeten verkopen is op datingsites. Mannen en vrouwen die mannen en/of vrouwen zoeken en dat doen door zichzelf in de etalage te zetten, een soort catalogus met potentiële partners. ‘Dit ben ik, kijk naar mij, ik ben leuker, slimmer, grappiger, sexier dan die ander en weet je wat…kinderen of handicaps zijn geen bezwaar’!

Mijn eerste stappen op een datingsite waren voorzichtig: vage foto, andere naam en nauwelijks persoonlijke gegevens. Ik was niet zo’n goede verkoper. Toch stroomden de reacties binnen, het maakt blijkbaar niet zo veel uit wat ik verkocht, wie ik was, als ze maar konden kopen. De markt draaide zich om, van verkoper werd ik klant, Daar heb ik meer ervaring mee, dacht ik, dus ik ging aan de slag. Ik kreeg standaard interessemails, die kon ik direct afwijzen. Tegenwoordig willen we allemaal maatwerk en geen standaardaanbiedingen.
Vanuit de persoonlijke reacties maakte ik een selectie en het mailen begon. Daarna kwamen de virtuele gesprekken via msn en moest ik proberen een keus te maken welke producten ik op proef kon testen: de eerste date. Hoewel ik vooraf scherpe criteria had gesteld merkte ik dat ik op mijn gevoel afging: de sexy meneer die al jaloers werd, voordat we hadden afgesproken viel direct af en de meneer die op papier niet zo sterk leek, was meer dan grappig tijdens het mailverkeer en mocht daarom blijven.
Tijdens de dates merkte ik dat ik in de grote valkuil van reclame was gevallen, de valkuil dat reclame niet altijd waar blijkt te zijn. Zoals een drankje dat op de reclamefoto er bijzonder smakelijk uitziet, maar in het echt nergens naar smaakt of bouwinvesteringsprojecten waarbij het nooit de bedoeling was ze te bouwen.
De leuke meneer met golvend haar, was in het echt bijna kaal en zeker 10 jaar ouder dan op de foto. De zeer charmante heer waarmee het virtueel echt klikte, was vergeten zijn trouwring af te doen tijdens de afspraak en het hoogtepunt was de jongeman die bij de afspraak om koffie te drinken een heel pak condooms bij zich had. Ik hoop maar dat hij heel veilig koffie wilde drinken. Het mag duidelijk zijn dat mijn carrière op een datingsite van korte duur was.

Ik heb wel eens een vriendin gekoppeld. Reclame maken voor een ander lukt me best. Maar als ik zelf het product ben, dan ben ik niet de beste verkoper

SchrijfbloQ thema: Reclame

Klopt ons hart sneller door verwachtingen?

•maart 19, 2010 • Geef een reactie

‘Vol verwachting klopt ons hart’, zegt het bekende Sinterklaasliedje. Dat een hart soms niet (goed) klopt is voor hartpatiënten een heftig medisch probleem, maar voor de meeste van ons is een kloppend hart vooral een gegeven waar we gelukkig niet al te veel over hoeven na te denken. We voelen ons hart vooral als het sneller gaat kloppen, door iets of door iemand. Omdat we bang of geschrokken zijn, als we enthousiast en blij zijn, gesport of gedanst hebben en bij een geliefde kan ons hart zelfs zo op hol slaan dat het sprongetjes gaat maken. Dan is het juist zo fijn je hart te voelen, en ook spannend omdat ons hart kan verraden wat onze werkelijke gevoelens zijn. Spijtig genoeg kunnen we ons hart ook voelen wanneer het pijn doet, in stukken valt. Hoewel het biologisch niet blijkt te kunnen, heb ik toch echt gevoeld dat mijn hart pijn deed toen het werd verwond en bloedend in mijn borstkas werd achtergelaten, daar waar het eerst had gejubeld van geluk. Ons hart speelt een belangrijke rol in ons leven en we willen dat het sneller gaat kloppen, daarom de vraag:

Is het zo dat van verwachtingen ons hart sneller gaat kloppen?
‘Een verwachting ontstaat door ervaring, vergelijking en gewenning. We nemen datgene wat we al meegemaakt hebben als uitgangspunt om in te spelen op de dingen die nog moet gaan gebeuren’ las ik recent in een artikel. Wellicht is dit waar, maar ik raak niet in vervoering, de spanning loopt niet op en mijn hart gaat hier zeker niet sneller van kloppen.

De Amerikaanse psycholoog Michael Fordyce stelt dat verwachtingen leiden naar teleurstellingen en dat je daarom je verwachtingen maar laag moet inzetten, dan kun je misschien nog wat bereiken. Dat klopt wat mij betreft helemaal: als je niets verwacht, tja dan komen je verwachtingen altijd uit.  Misschien moeten we daarom maar niet vol verwachtingen zijn? Op zoek naar dat wat het hart sneller doet slaan kom ik op begrippen als dromen, verlangens en hoop en ik merk dat deze me meer inspiratie geven. Ze brengen de magie die mijn hart zoekt om in vervoering te raken. Ze tonen een wereld die los staat van ervaringen, vergelijkingen en gewenning, maar geven toegang tot groene velden, weidse zeeën en ondoordringbare oerwouden. Ze zijn de cadeautjes die heling en rust kunnen brengen aan ons hart.

Verder zoekend kom ik op wensen en bij het idee van de kracht van wensen gaat mijn hart al voorzichtig sneller slaan. Goethe zei lang geleden: “Wensen zijn voorgevoelens van hetgeen u in staat bent daadwerkelijk te realiseren”. Wensen als boodschappers uit de toekomst die jou vertellen wat je kunt doen in deze wereld, wat je kunt bereiken.
Het besef dat wij allen een wens diep in ons hebben die onze werkelijke potentieel weergeeft zorgt dat mijn hart nu echt sneller gaat kloppen. Blijkbaar kiezen wij zelf de wens niet uit, maar heeft de wens ons al lang geleden uitgekozen. Marinus Knoope heeft vanuit dit principe zijn boek ‘de Creatiespiraal’, geschreven. Hij beschrijft hoe een wens werkelijkheid kan worden. Alleen je eigen echte wens kan een succes worden, een appelboom moet nooit proberen peren te maken, stelt hij. Wanneer het je lukt je wens te vinden en deze gaat leven…
Ik wil daarom voorstellen aan Sinterklaas en de Liedjespiet dat ‘vol verwachting klopt ons hart’ wordt veranderd in ‘vol wensen klopt ons hart sneller’.

SchrijfbloQ thema: Vol verwachting klopt ons hart